AFAS verduurzaamt drie kantoorpanden aan de Storkstraat in Leusden tot toekomstbestendige werkplekken. Directeur Family Office Pieter Mars vertelt hoe duurzaam bouwen en samenwerking samenkomen in een campus voor huidige en toekomstige generaties.
Aan de Inspiratielaan in Leusden staat het imposante AFAS Clubhuis. Aan de overkant van de weg renoveert en verduurzaamt AFAS drie bestaande kantoorpanden. Eén daarvan is inmiddels opgeleverd als dotNL, een werkplek voor partners van AFAS. Pieter Mars, Directeur Family Office, is verantwoordelijk voor die ontwikkeling. “Inmiddels beheren we in Leusden bijna 100.000 vierkante meter vastgoed. Dan moet je verder kijken dan vandaag, je moet nadenken over hoe die gebouwen over dertig jaar functioneren.”
Voor AFAS is renoveren geen vastgoedproject, benadrukt Mars: “Wij investeren niet om over een paar jaar weer te verkopen. Als wij renoveren, dan moet het toekomstbestendig zijn. We zijn een familiebedrijf, dus we kijken altijd naar de volgende generaties.” Het Clubhuis, dat nieuw werd gebouwd, diende als referentiepunt met een BREEAM-score van 88 procent. “De insteek bij dotNL was om daar zo dicht mogelijk bij in de buurt te komen. Uiteindelijk zitten we nu op ruim 97 procent.”
Verduurzaming
Die verduurzaming begon bij wat Mars de basis noemt. “Ons motto was: kou en warmte buiten houden. We zijn letterlijk bij de schil begonnen en van buiten naar binnen gaan werken.” Daken kregen extra isolatie, al het glas werd vervangen door triple glas en het grote glazen atriumdak in het restaurant werd grotendeels gesloten om opwarming te beperken. “We hebben nu ook lamellen die meebewegen met de zon, waardoor je minder hard hoeft te koelen.” Op de daken en de parkeergarage liggen duizenden zonnepanelen. “En iets wat we bij het Clubhuis nog niet hadden, hebben we hier wél: het grijswatersysteem.”
Met dat systeem vangt AFAS jaarlijks 7,5 miljoen liter regenwater op. Mars legt uit hoe dat werkt: “Al het water gaat van de daken naar de vijver, waar het eerst gezuiverd wordt door beplanting. Daarna gaat het naar een technische ruimte voor de laatste zuivering en vervolgens het gebouw in, waar we het opslaan in vaten als buffer.” Dat water wordt gebruikt om toiletten door te spoelen en het groen te irrigeren. “Het is eigenlijk bizar dat één toiletspoeling zes liter drinkwater kost. Wij denken dat naast energie ook water in de toekomst schaars wordt.”
Partners
De duurzame renovatie is voor Mars geen doel op zich. De gebouwen moeten vooral iets mogelijk maken. DotNL wordt daarom niet alleen door AFAS gebruikt, maar ook door zo’n veertig partners. “We zijn hiermee begonnen in België, waar we ruimte over hadden. Partners vroegen of ze niet dichter bij AFAS konden zitten. Toen deze panden op ons pad kwamen, was dit de kans om een plek voor hen te creëren.”
Het gaat om implementatie- en productiepartners: bedrijven die producten en diensten leveren die AFAS zelf niet wil of kan ontwikkelen. Juist door letterlijk naast elkaar te zitten, ontstaat volgens Mars een andere dynamiek. “Je kunt veel via Teams doen, maar dat blijft toch wat koud. Als je samen luncht, sport of elkaar spontaan spreekt, leer je elkaar echt kennen. Dan ga je met elkaar kijken naar de beste oplossingen voor onze gezamenlijke klanten. Die nauwe samenwerking leidt uiteindelijk tot een hoger niveau van dienstverlening.”
Campusgevoel
Die campusgedachte krijgt de komende jaren verder vorm. Mars schetst hoe de gebouwen in de toekomst met elkaar verbonden worden door een loopbrug over de weg. “Dan krijg je echt een campusgevoel. Mensen kunnen in het Clubhuis lunchen, en aan de overkant van de straat weer andere faciliteiten gebruiken.” Tegelijkertijd benadrukt hij dat groei geen doel op zich is. “Het is niet zo dat wij alle panden in Leusden willen opkopen. Het moet beheersbaar blijven en vooral leiden tot verbetering.”
Waar Mars aanvankelijk sceptisch was over de soms gedetailleerde eisen van de BREEAM-certificering, ziet hij het inmiddels als een waardevolle meetlat. “Als je volgens BREEAM bouwt, zet je automatisch de mens centraal. Een goed klimaat, goede werkplekken, comfort, dat zit er allemaal in verweven.” Duurzaam bouwen blijkt daarmee meer dan energie en materialen. “Als je daaraan voldoet, ben je niet alleen duurzaam bezig, maar creëer je vooral een omgeving waar mensen prettig kunnen werken.”
Wil je zien hoe AFAS een duurzame en toekomstbestendige campus ontwikkelt? Tijdens Digitaal Gebouw van de Toekomst op 3 juni 2026 bij AFAS in Leusden vertelt Pieter Mars over de keuzes, uitdagingen en lessen van dit project.