Een veilig binnenklimaat in een veranderende wereld

Een veilig binnenklimaat in een veranderende wereld Door: FHI

Bron: Stedenbouw.nl

We verblijven meer dan 90% van onze tijd binnen in gebouwen. Niet alleen om er te werken, wonen of te leren, maar ook om er te sporten en te recreëren en soms ook om er weer beter te worden.

Naast een goed thermisch comfort wordt terecht steeds vaker gekeken naar het welzijn van mensen in gebouwen. Welzijn is een gevoel van welbevinden; er wordt mee bedoeld dat het zowel lichamelijk, geestelijk als sociaal goed gaat. 

Alle ontwikkelingen rondom de huidige pandemie zetten zowel het geestelijk als het sociaal welbevinden onder druk. Men vraagt zich af of men nog ‘veilig’ op kantoor kan werken, of het ‘omgaan’ met collega’s nog mogelijk is en wat de risico’s zijn op een eventuele besmetting.

Wat is er nu precies aan de hand?

Het COVID-19 virus verspreidt zich en dat is iets dat we willen en moeten stoppen. Verspreiding vindt plaats door niesen, hoesten, schreeuwen, zingen en hard ademen door een besmet persoon. Grotere, met het virus besmette druppels zullen gelijk neervallen, maar kleine druppeltjes (ook wel druppelkernen genoemd) vormen aerosolen. Deze aerosolen kunnen zich over grotere afstand verspreiden en hebben hiermee dus de potentie om zich met luchtstromen door een gebouw te verplaatsen.

Ondanks initiële weerstand van officiële instanties zoals het RIVM is het nu algemeen geaccepteerd dat virussen zich door de lucht kunnen verspreiden.

Het tegengaan van de verspreiding van virussen in gebouwen is op het moment dé belangrijkste uitdaging binnen het vakgebied van binnenklimaattechniek.

Wat is het advies?

Diverse instituten hebben adviezen gepubliceerd waarin maatregelen staan opgenomen met als doel de werkomgeving zo veilig mogelijk te maken. Hiermee worden hoofdzakelijk maatregelen bedoeld die de kans op een besmetting in gebouwen zo beperkt mogelijk maken.

De kern van de aanbevelingen is ventileren met 100% buitenlucht. Hierbij dient alle lucht die aan een ruimte wordt toegevoegd van buitenaf te komen en mag zodoende niet bestaan uit gerecirculeerde lucht, afkomstig uit het gebouw zelf.

Waar het Bouwbesluit nog uitgaat van 25 m3/h per persoon, gaan de aanbevelingen voor voldoende ventilatie om ‘veilig’ te kunnen verblijven veel verder, zelfs tot 50 – 60 m3/h per persoon.

De belangrijkste geadviseerde maatregelen zijn dus niet meer recirculeren (bijvoorbeeld door het sluiten van de recirculatiekleppen in de luchtbehandelingskast) en ventileren met voldoende buitenlucht.

Wat is de praktijk?

Meer ventileren met 100% (behandelde) buitenlucht is voor iedereen goed en bevordert het welzijn van de mens aanzienlijk. Maar wat nu als  de recirculatie niet (helemaal) gesloten kan worden en wat als de capaciteit (ruim) onvoldoende is om de geadviseerde hoeveelheid verse lucht per persoon toe te voeren? Welke opties blijven er dan over voor een gebouweigenaar?

Bij bestaande gebouwen komen erg veel verschillende situaties en installatie-concepten voor, elk met hun eigen specifieke eigenschappen. Met een QuickScan kan snel vastgesteld worden wat de huidige situatie is en welke maatregelen snel te nemen zijn. Er zijn verschillende marktpartijen die deze scans en adviezen aanbieden.

Wat is nog meer mogelijk?

Veel buitenlucht toevoeren zorgt er voor dat de verontreinigingen in de lucht vermengd worden met de (verontreinigde) ruimtelucht en dan via het retoursysteem afgevoerd kunnen worden.

Is er onvoldoende buitenlucht beschikbaar, dan zijn er diverse luchtreinigingsoplossingen. Op het vlak van verontreinigingen zijn drie hoofdgroepen te onderscheiden: vaste stoffen (zoals o.a. fijnstof), gasvormige stoffen (zoals o.a. stikstof) en virussen, bacteriën en schimmels (zoals o.a. COVID-19). De eerste twee groepen kunnen geneutraliseerd worden met diverse filtertechnieken en de laatste kan geneutraliseerd worden met UV-C oplossingen. Al deze technieken zijn reeds op de markt beschikbaar, echter de juiste toepassing, selectie, installatie en het onderhoud hiervan is werk voor gespecialiseerde technisch dienstverleners.

Raadzaam advies blijft dus: zoveel als mogelijk ventileren met buitenlucht én daarnaast gepaste raad inwinnen. Bij FHI Gebouw Automatisering zijn deskundige en ervaren technisch specialisten aangesloten die u hierbij graag helpen.

Voor meer informatie neemt u contact op met Martin Hof Sr. Project Manager Gebouw Automatisering